maandag 2 maart 2009

Van China naar Laos

Het werd tijd om nog eens van land te veranderen, dus besloot ik de internationale bus van Kunming naar Vientiane, tot in Luang Prabang in Laos te nemen. Ik wist op dat moment nog niets van Laos en ik dacht dat ik aan de landgrens maar een 15 dagen visum zou krijgen, zoals in de reisgidsen vermeld stond, maar dat bleek sinds kort veranderd te zijn tot 30 dagen. Had ik op voorhand meer geweten, dan had ik de bus tot de eerste stad over de grens genomen, om vandaar het noorden van Laos te verkennen, maar na een busrit van ongeveer 30 uur had ik nadien niet veel goesting meer om terug naar het noorden te gaan en heb ik dat, mss jammer genoeg, overgeslagen. De busrit viel eigenlijk anders best mee. Het was een typische Chinese slaapbus, dus met bedjes van 1m70 lang. aan de linkerkant ligt men met twee naast elkaar als de bus vol is en aan de rechterkant alleen en de bedden staan in twee verdiepingen. De bus was niet helemaal vol. We waren met vier westerlingen (een jong Nederlands koppel Hendrik en Martine, een oudere Canadees, George en mezelf) en de anderen waren Chinezen en Laotianen. Het toeval wilde dat ik George een aantal dagen voordien al even kort gesproken had op het perron in Chengdu, omdat we toen dezelfde trein naar Kunming hebben genomen. Om 17u Chinese tijd vertrok de bus. Het was op het gemak, met veel plaspauzes en rond 8u de volgende dag stonden we aan de grens, net voordat die open ging. Aan de grens moesten we eerst uitstappen en een stempel krijgen van de Chinezen, waarna we weer een km op de bus zaten en dan bij de Laotiaanse douane terecht kwamen. Het visum kostte 35 dollar en alles ging vrij vlot. Ongelofelijk wel hoeveel verschillende stempels je kreeg voor dat visum! Juist over de grens pikte de bus dan nog een vijftal andere reizigers op, vier Italianen en een Duitser, maar die waren niet al te sociaal vond ik. Rond de middag stopte de bus in een dorpje om te eten, maar bleek dat je daar met dollars niet terecht kon. Enkel met Laotiaanse kip of Thaise Bath was het te doen... Ik kreeg wat Bath van George in ruil voor dollars en kocht er een netje mandarijnen en een fles water mee. Verder kreeg ik nog een boterham met pindakaas van het Nederlandse koppel. Na de lange eetpauze (welkom tot het ritme van Laos!), waren we weer onderweg, maar rond een uur of vijf, zes, kregen we een panne. Bleek dat een roulement van een of andere poelie het begeven had. Het was wel aangenaam te constateren dat er niet te veel muggen zaten. Als dat overal in Laos zo zou worden, zat het wel snor. Er was een petanque veldje en sommige Laotianen speelden er petanque, een typische bezigheid hier, ongetwijfeld ingevoerd door de Franse koloniale macht hier. Na een tweetal uur was het uiteindelijk gefikst!

Rond 22u stopten we dan aan een restaurant vlak voor Luang Prabang waar we allemaal dezelfde schotel te verorberen kregen. Ik was uitgehongerd, dus dat deed deugd! Omstreeks 23u30 Chinese tijd, of 22u30 Laotiaanse tijd, kwamen we dan aan in Luang Prabang, war we meteen met onze eerste tuktuk chauffeurs af te rekenen kregen. Ze vroegen eerst 10000 kip per persoon (1 euro) om ons naar de rivier te brengen waar de pensions waren, maar na een wegloopmaneuvre werd dat bedrag al gauw gehalveerd. Voor twee Chinezen, George en mijzelf was dat ok, dus zaten we al snel op de tuktuk, maar de anderen, vooral onder impuls van de Duitser, wilden er liever een ingewikkeld spelletje van maken om uiteindelijk 10 eurocent per persoon minder te betalen. Dt vond ik eerlijk gezegd er net te veel aan, na een busrit van 30 uur ;-)

Onze tuktuk bracht ons naar een kleine rivier, terwijl de andere tuktuk naar de Mekong iets verderop ging. Alles bleek toch duurder en toeristischer dan verwacht te worden, vooral als je voordien van verschillende anderen van die Indianenverhalen gehoord hebt dat ze een kamer voor een halve dollar per nacht hadden. Maar dat was dan verschillende jaren geleden en niet in Luang Prabang... In Luang Prabang bleken de goedkoopste kamers, zonder eigen badkamer, 60000 kip per nacht te kosten, maar ze hadden die avond alleen nog een kamer met prive badkamer voor 100000 kip en ze wilden niets van hun prijs doen (wat typisch Laotiaans ook bleek te zijn...) Uiteindelijk besloten George en ik maar om een kamer te delen. Er zijn toch twee aparte bedden en dat is elk 5 euro per nacht uitgespaard. We wilden nog eens een avondwandelingetje maken vooraleer het slapengaan, maar dat bleek onmogelijk te zijn! Het was 23u30 en het pension was op dat uur gesloten en alle gasten moesten binnen blijven, want in Laos, zo kwamen we te weten, is er een avondklok en sluit alles tussen 23u en 23u30 en moet iedereen na 24u binnen blijven (strikt genomen ehum...)

zondag 14 december 2008

Kunming, Lijang en Tiger Leaping Gorge

Donderdagmiddag kwam ik in Kunming aan. Ik verbleef er twee nachten in "The Hump", in een kamer met vier bedden. In Kunming zelf is er eigenlijk vrij weinig te zien, maar het is een aangename stad om uit te gaan, want er is elke nacht ambiance. Het is ook een stad waar een redelijk aantal buitenlanders verblijven en hoewel het er niet het hele jaar door warm is zoals in de tropen, wordt het toch ook niet echt heel koud in de winter. The Hump Hostel beviel me wel. Het is midden in een vrij levendige buurt gelegen, aan het Jinmabiji plein en het personeel vond ik ook wel vriendelijk en er is een bar met een pooltafel en ik heb dat altijd graag gedaan, vooral jaren geleden. Er komen ook veel mensen van Kunming zelf iets drinken, die niet in het hostel zelf verblijven. De buurt is ook bezaaid met tal van clubs met luide muziek en altijd wel volk. Het leuke is dat je de hele avond gratis drinks kunt krijgen van de chinezen. Ofwel ga je zelf een praatje met ze maken, ofwel gebaren ze je om bij hen te komen zitten en beginnen ze je bier of andere drank te geven. Ik denk dat ik sommige vrouwen bij ons beter begin te begrijpen ;-)

De zaterdag van Sinterklaas nam ik de nachtbus naar Lijang. Lijang is een stadje met een rijk verleden, waar veel Naxi's wonen, een van de vele etnische minderheden die China rijk is. Vooral in deze provincie, Yunnan, tref je veel etnische minderheden aan. Lijang was best een mooi stadje, met allemaal oude huizetjes in het oude centrum, kanaaltjes, ambetante stenen om op te lopen (geen kasseien zoals bij ons, maar grotere stenen) In Lijang verbleef ik bij Mama Naxi guesthouse, vermeld in Lonely Planet en me aangeraden door twee Zwitserse reizigers die ik in Xiahe voor het eerst ontmoet had en teruggezien heb in Kunming. Het was echt wel een goeie plaats, ergens waar je echt het gevoel had dat geld niet de eerste drijfveer was. Mama Naxi had vier honden en negen katten ;-) Ik at altijd daar omdat het goedkoper was dan in de meeste andere plaatsen in de stad en je kreeg heel veel, meestal te veel eten.

In Lijang heb ik eigenlijk vooral een beetje rondgewandeld in de straatjes en een beetje buiten de stad. Er was een meer waar je een te dure entree moest voor betalen, dus ben ik gewoon over de muur geklommen een beetje verderop ;-) Na twee dagen ben ik dan naar de Tiger Leaping Gorge geweest, of in het Nederlands iets zoals de kloof van de springende tijger. Het is een bergkloof waar de Yangtze rivier door stroomt en op zijn nauwste punt komt, waar volgens een legende ooit een tijger over de rivier gesprongen is. De kracht van het water is redelijk indrukwekkend daar, al zal het in de lente wel nog veel indrukwekkender geweest zijn. Ik ben samen met een Finse die ook bij Mama Naxi verbleef gegaan, maar vrij enthousiast was ik eigenlijk niet van haar gezelschap. Ik vond haar eigenlijk vrij gereserveerd, niet direct iemand die je meeneemt naar een bar om wat te lachen en plezier te maken. Maar soit, tis beter dan alleen gaan als het maar voor twee dagen is. Mijn grote rugzak had ik achtergelaten bij Mama Naxi en met mijn kleine rugzak was ik vertrokken. Een minibusje bracht ons bij het begin. De wandeling was best wel mooi en smorgens was het koud maar smiddags werd het echt warm en konden we in tshirt lopen. Eten en drinken hadden we niet echt nodig, want we konden het onderweg kopen in gasthuizen en eetgelegenheden van de lokale bevolking. We sliepen de eerste avond op een slaapzaal in Halfway, waar we 's avonds met nog wat ander volk aan de praat geraakten. De volgende dag moesten we dan nog wat verder gaan en dan daalden we af naar de rivier zelf om de waterkracht van dichterbij te ondervinden. Het was wel wat vervelend dat de lokalen telkens aan de toeristen een paar yuan vroegen om een padje te gebruiken, dat zij dan als het ware als hun eigendom beschouwden. Ik vind dat alles zou moeten inbegrepen zijn in het toegangsticket en de overheid moet maar zorgen dat de paadjes onderhouden zijn. Op het einde had ik dan ook geen zin meer om verder te betalen, gewoon vanwege het principe en vond ik dat ze het geld maar in hun gat moesten steken ;-)

Uiteindelijk zijn we dan met een bus terug naar Lijang gegaan, waar ik nog een tweetal dagen op het gemak verbleven ben en dan heb ik een nachtbus naar Kunming genomen, donderdagavond, waar ik nu nog altijd verblijf. Ik denk dat ik hier eens een tijdje verblijf in The Hump en het op mijn gemak ga doen. Ik heb al veel mooie dingen gezien, maar wil eens wat meer mensen ontmoeten zonder de hele tijd van het ene naar het andere te gaan en ik heb ook al zodanig veel mooie dingen gezien dat ik niet meer noodzakelijk alle toeristische dingen moet zien, vooral niet als je dan nog eens weet dat ze er in China veel voor vragen. Als je de toeristische attracties in China vermijd is het leven echter heel goedkoop hier. Ik ga ook eens nog een paar andere kleren kopen, meer stadskledij, want nu loop ik al zes maanden continu rond op zijn Indiana Jones, behalve de hoed (op de foto had ik die geleend van een paar Chinese vrouwen) en de zweep na en tis tijd voor eens iets anders. Ik ga ook eens kijken voor een hoed, want das best wel cool om op zijn Indiana Jones te reizen en praktisch tegen de zon. Misschien ga ik hier wel Kerstmis doorbrengen. Ik ga hier tijdens de dag wat lezen, poolen, internetten, rondlopen en ook nu en dan uitgaan, want dat heb ik ook niet te veel gedaan tot nu toe tijdens mijn reis en hier is het leuk en goedkoop om uit te gaan. Ik ben het rondreizen niet direct beu, maar wil gewoon even een rust nemen en nadenken over waar ik nog allemaal wil gaan, hoewel ik hierover wel genoeg ideeen heb ;-)

Voila, ik denk dat ik min of meer up to date ben nu met mijn blog. Twas lang geleden dat ik nog geschreven had, tot voor een paar dagen geleden. Ik heb ook niet alle dagen iets spectaculairs meegemaakt en jullie hoeven ook niet alle details te weten... Dus het is een redelijk ingekorte versie geworden, maar ik heb tenminste komaf gemaakt met mijn achterstand!

Als dessert ga ik jullie nog een kleinigheidje vertellen, dat ik wel curieus vond in China. De eerste keer dat ik het zag, was ik wel verbaasd. Eigenlijk was ik niet degene die het voor het eerst opmerkte, maar Sarah van het Engelse koppel, toen we in Qingdao aan het wandelen waren... De peuters hier lopen allemaal rond met een gescheurd broekje, zodat je hun bloot kontje of soms een pamper kunt zien. Dit is om gemakkelijker limonade te kunnen uitschenken als iemand erom vraagt of chocoladekorreltjes op het voetpad te kunnen deponeren zodat ze niet verdwaald geraken a la Klein Duimpje (das toch het correcte sprookje niet?)

Chengdu

Chengdu is de stad van de Spice Girls zeggen ze in de Lonely Planet ;-) en dat is dan wel letterlijk op te vatten! Sichuan staat in China bekend om zijn pikant eten. Een van de typische maaltijden is een hotpot, waarbij je verschillende soorten sates in een kokend hete pikante vloeistof die op een vuur staat te borrelen een na een verorbert. De avond dat ik toekwam in Chengdu had ik nog honger, dus ging ik naar zo'n restaurant, waar ik dan een hele reeks verschillende sates kon kiezen en dan werd de prijs bepaald per stokje. Gelukkig waren er twee verschillende vloeistoffen in die pot, zodat ik mijn toevlucht kon zoeken tot de niet pikante... Twas wel niet slecht, maar ik heb het tot nu toe tot die ene keer beperkt. 's Nachts ben ik een paar keer me moeten haasten om naar het toilet te lopen, maar echt ziek ben ik er niet van geweest zoals sommige anderen. Ik ben eigenlijk nog niet echt ziek geweest op reis, behalve dan af en toe eens een lichte diarree en twee keer een keelontsteking of een occasionele hoofdpijn of een lichte kater ;-) Maar echt ziek heb ik me nog niet gevoeld.

Ik herinner me eigenlijk niet meer al te goed wat ik in Chengdu allemaal uitgespookt heb (en tis zeker niet van de drank want ben er niet uitgegaan), maar het was alleszins niet al te veel ;-) Eerst ben ik twee nachten in Loft gebleven voor enkel 10 yuan per nacht, maar dan ben ik naar Sims Cozy Garden Guesthouse gegaan (30 yuan per nacht, maar echt stevige stapelbedden waar ik super goed in heb geslapen) omdat ik wat meer westerlingen wilde ontmoeten of misschien reizigers die ik al voordien ontmoet had. De eerste twee dagen ben ik lang bezig geweest met al mijn foto's van de tien dagen voordien op orde te brengen en door te sturen via internet. Enfin, ik ga er niet al te veel over vertellen over Chengdu, want zo veel valt er niet over te vertellen. Er waren wel een paar buurten met mooie antieke huizen. Wat ik wel nog kan vertellen is dat ik naar de panda's ben gaan kijken. Vooral de jongere panda's waren koddig! Een drietal was voortdurend aan het spelen en het vechten met elkaar, tot groot vermaak van alle aanwezige toeristen. Ze beten elkaar de hele tijd en rollebolden en duwden de andere van een helling zodat ze dan naar beneden rolden. Was best wel grappig!

Uiteindelijk heb ik dan een trein naar Kunming genomen, hard sleeper. Mijn trein deed er ongeveer vierentwintig uur over, een aantal uren langer dan de express treinen, maar slechts aan de helft van de prijs, so who cares? Twas wel wat saai zo lang in een trein en met niemand kunnen praten... En ik heb blijkbaar mijn muziek op mijn mp3 speler verloren tijdens mijn avonturen in Tibet (zo kun je het noemen, ook al is het niet Tibetaanse Autonome Regio waar je een permit voor nodig hebt, want de streek van Xiahe en Langmusi wordt vooral bewoond door Tibetanen en ze dragen traditionele kledij en spreken Tibetaans en zo (of tenminste een dialect ervan)) Hier in China is het niet zo eenvoudig om terug de muziek te downloaden, tgaat vrij traag vanwege al de internetfilters :-(

zondag 23 november 2008

Van Lanzhou naar Chengdu

Vrijdagmorgen kwam ik dan in Lanzhou aan, een lelijke industriestad. Ik moest naar het toilet en aangezien ik het niet had zien zitten om in de trein te gaan, ben ik een hotel binnengestapt en daar hadden ze een Westers proper toilet. Maar het duurde even voor ze hiervoor de sleutel vonden. Hierna ging ik op zoek naar een geldautomaat en daarna nam ik een taxi naar het busstation tien km verder, waar ik te laat was voor de bus naar Xiahe. Even een notitie over geld afhalen in China: dit is veel gemakkelijker dan in Japan en Korea. Overal vind je geldautomaten die internationale kaarten aanvaarden en dat is een plezierige ervaring. Eigenlijk is het gek, maar soms heb ik de indruk dat ik in China op elke hoek van de straat (in de steden) een bank tegenkom. Zoveel grote banken... China moet vast en zeker het land van het grote kapitaal zijn ;-) Maar enfin, eens aangekomen in het busstation en met mijn bagage zoals gewoonlijk door de veiligheidsscanner gepasseerd, had ik wat problemen met de communicatie. Het stak me wat tegen en ik wond me wat op, maar uiteindelijk was er een Chinees meisje die wat Engels kon en die me kwam helpen. Ik moest twee kopieen van mijn reispas en visa afgeven om een busticket te kunnen kopen, omdat ze de buitenlanders die dat gebied binnengaan willen controleren. Tot begin november, zo vernam ik later, was dat gebied afgesloten voor buitenlanders, nog vanwege de onlusten die er geweest waren in Lhasa. Het meisje ging de kopieen maken voor mij en ze wilde zelfs geen geld terug ervoor. De volgende bus vertrok pas om 14u en ik moest wachten tot 11u om een busticket te kunnen kopen, dus ik ging iets eten en dat meisje vergezelde me. Haar moeder was landbouwster en haar vader truckchauffeur en zij studeerde toerisme en Engels geloof ik, maar ze had wat moeite met mijn Engels. Ze toonde me nadien haar school, vlakbij een chemische fabriek ook, en ik speelde een beetje pingpong met een oudere dame. De Chinezen zijn allemaal verschrikkelijk goed in pingpong, dus veel bakte ik er niet van. Nadien ging ik nog een keer gaan eten en dan rond 14u nam ik de bus en nam ik afscheid van dat meisje. De busrit naar Xiahe was best wel interessant. Qua landschap was het niet zo bijzonder, maar er waren overal dorpjes met moslims en moskeeen en minaretten en de buschauffeur moest de hele tijd toeteren om die mensen uit de weg te krijgen. De moslims in China zijn normaal gezien van het Hui ras, en ze dragen een wit hoedje. Ik had er eigenlijk eens een foto van moeten nemen, maar heb dat tot nog toe niet gedaan. Uiteindelijk kwam ik dan rond de avond in Xiahe aan. Xiahe was redelijk koud en gelegen op 2950. Het is vooral bekend door het Tibetaanse Labrang klooster, een van de belangrijkste kloosters voor het Tibetaanse buddhisme buiten Lhasa. Ik nam dan voor een yuan een taxi naar Overseas Tibetan Hotel, wat me aangeraden was door Iain. Ik wilde er een bed op een slaapzaal, maar ze wilden me dat niet geven omdat er veel nomaden verbleven op dat moment omdat er morgen een speciale dag was en omdat ze me niet samen met de nomaden wilden steken (of mss omdat ze gewoon meer wilden verdienen, ik weet het niet. De kerel van het hotel was een Nepalees, bleek nadien, en ik had zo wat het gevoel van valse vriendelijkheid en vals glimlachen, hetgeen ik bij Indiers ook al gehad heb. Misschien moet ik wat meer Indiers en Nepalezen ontmoeten om mijn gedacht te veranderen, maar tot nu toe kan ik het niet helpen, maar heb ik een idee van kleine, glimlachende mannetjes, die erg geslepen zijn.) Eerst vroegen ze dan honderd yuan per nacht voor een kamer!!! Dat was eigenlijk al de helft van de prijs die vermeld stond, maar eigenlijk had ik hen een bed op een slaapzaal gevraagd en niet een kamer voor mezelf, dus ging ik zoveel zeker niet betalen. Uiteindelijk heb ik kunnen afdingen naar nog eens de helft, vijfig yuan. Ik had de indruk dat die Nepalees me wilde slecht doen voelen omdat ik afbood, ik weet het niet. Bij Chinezen heb ik zoiets nooit echt ervaren. Ik kan het niet helpen, maar moest niet te veel hebben van dat manneke, zelfs niet als hij dan "slaap lekker" zegt, omdat hij wat Nederlands geleerd had van de vorige jaren omdat er veel Nederlanders daar verbleven zijn. Het verschil tussen echte vriendelijkheid en gespeelde vriendelijkheid merk je toch vind ik. De kamer was wel mooi en heel ruim en ik had mijn eigen badkamer en er was verwarming en een elektrisch verwarmde onderlegger op het bed. 's Avonds ben ik dan een lekkere pizza gaan eten in Tsewong Cafe en dan kwam ik nog wat anderen tegen en zijn we naar twee Tibetaanse bars wat pintjes gaan drinken. Die bars waren vrij luidruchtig. Er werd in het Tibetaans gezongen in de micro, maar het volume stond oorverdovend luid. Op het einde gingen we nog bij wat Tibetaanse studenten zitten, die al redelijk zat waren en hielpen we hen wat om hun bier op te krijgen.

Zaterdag ging ik dan het klooster bezoeken. Rond 10 starten de tours normaal. Er waren nog vier kerels die de tour gingen nemen op dat moment, twee Canadezen en twee Zwitsers. Er was een monnik die Engels kon die ons de rondleiding gaf. Zoveel heb ik er niet van onthouden. Er waren verschillende zalen voor verschillende studies en veel fotootjes van een of andere lama's en er was die dag heel veel volk in de tempel die briefjes van een yuan achterlieten of jakboter. Die dag was de verjaardag van de dood van de stichter van de gele hoeden sekte, als ik me goed herinner, en daardoor was er extra veel volk. Nadien zijn we nog een wandelingetje op de berg gaan doen en dan savonds hebben we wat gedronken.

Zondag zag ik de politie vanuit mijn hotelraam op de hoek van de straat staan. Precies oproerpolitie. Tschijnt dat het naar aanleiding van een proces was tegen sommige locals rond de gebeurtenissen in verband met Tibet. Verder heb ik een wandeling gedaan in de omgeving van Xiahe, lekker op het gemak, en mooie fotootjes getrokken.

Maandag heb ik dan de bus naar Langmusi genomen. Ik was echt verbaasd van de schoonheid van het landschap. Het was een ware streling voor het oog en een van de mooiste landschappen dat ik tot nu toe gezien heb. Ik wil zeker nog terug gaan. De weg doorsneed enorm uitgestrekte graslanden, een plateau in een lichte komvorm omringd met bergen, met kilometersverre uitzichten. De graslanden waren deels besneeuwd en ook de weg lag wit en hier en daar waren grote kuddes jaks. Fantastische rit! Eens in Langmusi ben ik samen met een Chinese vrouw die in Duitsland woont op zoek gegaan naar een hotel. We hadden besloten om een kamer te delen. De eerste twee plaatsen waren eigenlijk gesloten, maar we konden wel een kamer krijgen, maar het ging eigenlijk een shit zijn en we zouden de enigen zijn die daar verbleven. Toen ging zij alleen eens gaan kijken naar een ander hotel, met de gedachte dat het ook goedkoper zou zijn als ze mijn westers gezicht niet zouden zien en daar leek het goed te zijn. Uiteindelijk hadden we een kamer voor 30 yuan elk met een mooi uitzicht op de bergen en met de verwarming op volle bak (veel pensions daar hadden geen verwarming...) Later bleek het toch geen zo'n goede keuze geweest te zijn, want ik heb bijna niet kunnen slapen omdat er chinezen tot laat in de nacht heel luid praatten en onnozel deden en veel lawaai maakten met deuren en al lopend door de gangen :-( 's Middags heb ik dan samen met een Japanner een wandeling door de sneeuw gemaakt, tussen de bergen door. We moesten wel terug keren langs hetzelfde pad, want anders wisten we niet waar we gingen belanden...

Dinsdag ben ik dan samen met twee anderen het klooster gaan bezoeken en een monnik in het bijzonder. Hij ging ons een sky burial tonen, de Tibetaanse vorm van begrafenis waarbij ze het lijk boven op een berg plaatsen en dan laten opeten door de gieren, als een soort laatste ultieme offer van de buddhist. Voor hen heeft het lichaam toch geen belang zoals bij ons, want de ziel is er toch al uit en wordt dan een week of zo herboren in een ander lichaam. Reincarnatie heet dat. Uiteindelijk was het lichaam al opgegeten, wat ik niet erg vond, want eigenlijk vind ik het wat voyeuristisch om naar zoiets te gaan kijken, maar we maakten een wandeling naar de plaats en het was heel koud maar heel mooi.

Woensdag ben ik in twee busritten naar Songpan gegaan. Eerst met een minibus naar Zoigue en vandaaruit naar Songpan. Mijn tenen waren deels bevroren in de minibus! Ik heb daar een wandelingetje naar boven op de berg gedaan, of zeg maar wandeling want het was niet te onderschatten. Het leek veel gemakkelijker dan het was, maar er was een strakke koude wind en door de hoogte was het moeilijker. Het uitzicht was weer schitterend en de enige mensen die ik tegenkwam waren wat boeren en er viel geen enkele onnozel toegangsgeld te betalen zoals bij de toeristenattracties van nationale parken van china, die dikwijls schandalig duur zijn en totaal niet in verhouding met de levensduurte in dit land. Als ik daarover klaag bij chinezen dan zeggen ze er meestal niet veel op. Ik denk dat ze daar gewoon niet dezelfde scepsis als wij over hebben en dat ze gewoon de beslissingen van hun overheid voor normaal nemen. Tvoelt eigenlijk wel raar dat je ze daar niet over hoort klagen... Veel toeristen rijden te paard door de bergen en de bossen rond Songpan, veelal voor een aantal dagen en dan bij lokale mensen overnachten, maar zag dat niet echt zitten vanwege de koude. En een paar dagen te paard moet je waarschijnlijk ook niet overschatten. Als ik met een vriend of een lief was geweest, had ik het misschien wel overwogen. Ik wil in elk geval nog terug gaan naar de regio, want vind het echt een van de mooiste en interessantste streken waar ik tot nu toe geweest ben. Maar het is natuurlijk spijtig als je geen chinees kunt spreken. Zo kun je nooit met de gewone man spreken en dat maakt toch wel een groot verschil in je reisbeleving. Het klinkt misschien wel cool om naar dorpjes te gaan als enige westerling en met niemand te kunnen communiceren en daar een tijdje rond te hangen, maar uiteindelijk denk ik dat toch niet altijd zoveel voor mij is. Allee ja, in perioden misschien...

Donderdagmorgen ben ik dan naar Jiuzhaigou gegaan, een van de voornaamste natuurparken in China, toch zeker in die regio. Toen ik er toe kwam stond er een kerel met een foto van een hotelkamer waarin hij mij wilde stoppen die nacht. Hij vroeg eerst 80 yuan, maar ik heb uiteindelijk afgedongen tot 35 yuan. Op zich was het een deftige kamer met eigen douche en toilet, maar toch had ik er achteraf wat spijt van, want ik heb die nacht echt koud gehad. Er was een elektrisch onderdeken, maar ik had de indruk dat het snachts opeens niet meer werkte, waarom weet ik ook niet. Wat het park betreft, ik had geluk dat de prijs net voor buiten het seizoen was, sinds half november, dus 80 yuan in plaats van de schandalig hoge 220 yuan. Maar daarnaast moest ik wel nog 80 yuan extra betalen voor de minibussen in het park, want het park was te groot om volledig te voet te doen. Die minibussen stoppen dan bij elk uitzichtspunt en dan kan de gemakzuchtige toerist of de toergroepfanatiekeling telkens het verplichte kiekje maken alvorens zich naar de volgende spot te (laten) begeven... Door het park was er een asfaltweg die zich na ongeveer vijftien km splitste in twee takken, een westelijke tak en een oostelijke tak, beide een kleine twintig km. Je had eigenlijk twee dagen nodig om beide takken te verkennen, maar ik wilde maar een dag blijven omdat ik dan naar Chengdu wilde gaan om wat meer volk tegen te komen. Ik zou in twee dagen geen enkele andere westerling ontmoeten, wat me tot nu toe toch nog niet echt voorgevallen is! Ik besloot om de westelijke tak te nemen en na wat ik van anderen gehoord heb, bleek dat toch de interessantste keuze. Ik liet me met de bus tot aan de tweesprong brengen en vandaar ging ik te voet verder langs de westelijke kant. Het eerste stuk was langs de asfaltweg, maar vanaf een zeker punt waren er parallelle wandelpaden. Het enige probleem was dat de meeste, vooral verderop, afgesloten waren en er was een bordje dat het omwille van gevaar voor bosbrand was... Hahaha! Volgens mij hadden ze gewoon maar een bordje en waren ze bang dat de toeristen zouden uitglijden door het beetje sneeuw dat er lag. Ik ben dan maar die versperringen gaan omzeilen en dan had ik die wandelpaadjes voor mij alleen. Maar uiteindelijk kwam ik dan ergens verder terecht dan dat de busjes gingen, want vanwege het seizoen en de sneeuw gingen de busjes niet tot het volledige einde van het park. Toen ik dan een stukje terugging en een busje zag met een slapende chinese chauffeur, moest ik redelijk aandringen om me terug te laten brengen naar de andere busjes die wel nog wilden rijden. Maar ik vond dat ik niet voor niets 80 yuan voor dat busticket betaald had en ik ging me niet laten doen! Uiteindelijk was het park wel mooi. Besneeuwde bergtoppen, groene bossen, exotisch groen gekleurde meren, prachtige watervallen, een spiegelend meer en een speciaal verschijnsel: boompjes die ontspringen in het midden van de rivier! In de Lonely Planet stond er dat dat zou komen door de rijke aanwezigheid van een mineraal in het water of zoiets... Enfin, dat hebben we dan ook weer gezien. 's Avonds ging ik eerst een restaurant binnen en ik vroeg de kaart en toen ik mijn keuze gemaakt had (de goedkoopste gerechten, want het waren vooral dure restaurants daar) bleek er geen plaats meer te zijn om te zitten! Ik was echt strontvies dat ik mijn tijd had moeten verspillen met die menukaart en dan geen plaats kreeg om te zitten en ik heb me even ferm kwaad gemaakt... Uiteindelijk ben ik naar een klein plaatsje ernaast geweest en heb ik goedkope noodles gegeten en raakte ik in gesprek met een vrouw van Hongkong. Tleuke met mensen uit Hongkong of Singapore is dat ze allemaal Engels kunnen... Zij verbleef op een slaapzaal in een jeugdherberg en ik ben even met haar meegegaan om de avond daar te spenderen in het gezelschap van wat chinezen naast de kachel en ik kon ook gratis de computer daar gebruiken om mijn mail te checken. Had ik het geweten, dan was ik daar gebleven, maar de plaats stond ook niet vermeld in Lonely Planet.

Vrijdagmorgen zou ik dan de bus naar Chengdu nemen, maar toen ik in het busstation was, bleken ze me geen ticket naar Chengdu te willen verkopen en ik kon het niet goed begrijpen waarom niet. Ik maakte me wat vies en bleef een half uur aandringen omdat ik niet zeker was of het was omdat er geen bus was die dag of omdat de bus volzet was of omdat ze geen goesting had om mij een ticket te verkopen... Ik bleef dus aandringen om het laatste uit te kunnen sluiten, maar uiteindelijk bleek de reden te zijn dat de tickets uitverkocht waren. Dat was ferm spijtig, want ik had echt geen zin om nog een dag langer in Jiuzhaigou te blijven omdat er buiten het park niets te doen viel en ik meer mensen wilde ontmoeten. Dus nam ik dan eerst een bus naar Guangyuan vanwaar ik dan later een andere bus naar Chengdu moest nemen. Het zou dus duurder uitkomen en me meer tijd kosten, maar tja, tkan niet altijd optimaal zijn he... De busrit was fantastisch mooi, maar niet overal even veilig. We volgden de hele tijd de vallei van een grote mooie groene rivier en er waren redelijk wat afgronden en het was tien uur dezelfde chauffeur! Superman dacht ik bij mezelf... Een interessant aspect aan de chinese rijstijl is hun filosofie over inhalen in een onoverzichtelijke bocht of op een helling, volle witte lijn of niet. De basistheorie is de volgende: als je een paar keer toetert alvorens de bocht in te gaan, dan zal een mogelijke tegenligger wel twee keer nadenken alvorens hetzelfde te doen ;-) Achteraan in de bus was er een fotografiegeobsedeerde Chinees met een camera die constant het raampje openschoof en op die manier misschien wel duizend foto's getrokken heeft. We passeerden ook het gebied waar de aardbeving een aantal maanden geleden zwaar huisgehouden heeft. Ik geloof dat de weg ook een tijd versperd is geweest hierdoor en ze waren eraan aan het werken, waarschijnlijk gingen ze het later asfalteren. Ik weet niet hoe het voordien is geweest. Dus ja, hier en daar zag je hoopjes stenen en blauwe tentjes die ze waarschijnlijk na de afbeelding uitgedeeld hadden. We zijn dan in een dorpje gestopt om een hapje te eten en dan heb ik een paar gekookte eitjes en wat dumplings gegeten, heel goedkoop. Een ander ingenieus iets wat ik een paar keer gezien heb, is een soort schotel die het zonlicht reflecteert en concentreert in een punt waar dan een ketel met water hangt en zo hebben ze dan op die plaatsen kokend water voor hun thee! Uiteindelijk kwamen we dan in Guangyuan aan en dan brachten ze me naar een kantoortje voor een busticket naar Chengdu. Ze vroegen eerst 120 yuan, maar in mijn Lonely Planet stond er 80 yuan vermeld, dus ik haalde die boven en wees ernaar voor het manneke zijn neus en ik maakte me wat kwaad. Al vlug stelde hij 100 voor, maar ik was nog niet content. Ik typte 20 in op zijn rekenmachine en wees een paar keer naar zijn broekzak en zei iets in het westvlaams in de trent van "en die andere twientig steek je in je eigen zakken zekers!" Met alle chinezen maar niet met deze westvlaming! Uiteindelijk heb ik ook wat water bij mijn wijn gedaan en typte ik 90 yuan in op de rekenmachine en kreeg ik mijn ticket voor 90 yuan. De reisgids was tenslotte ook anderhalf jaar oud, dus sommige prijzen zijn gestegen. Ik had zelfs gezien dat een andere chinees 100 voor hetzelfde ticket betaald had, maar waarschijnlijk heeft hij hiervoor niet moeten afbieden zoals ik. Ik heb dan toch een tijdje moeten wachten, maar uiteindelijk brachten ze mij en een aantal chinezen met een minibusje naar een andere plaats in de stad, waar we dan overstapten naar een andere grote expressbus, redelijk luxueus met lichtbruine leren zetels. Om 23u kwam ik dan eindelijk in Chengdu aan! Ik was vertrokken om 7u smorgens... Ik had geen flauw benul in welk busstation ik aangekomen was, maar nam een taxi en gaf de chauffeur een flyer van het jeugdhostel waar ik ging verblijven, dat me aangeraden was door de dame van Hongkong en waar je een bed krijgt voor de ultralage prijs van tien yuan per nacht (of beter gezegd, de helft van een niet al te stevig stapelbed haha)! De taxi was geen overbodige luxe, want ik schat dat de rit ernaartoe zo'n tien km lang was... Om 23u30 kon ik dan inchecken in jeugdhostel "Loft"...

donderdag 20 november 2008

Xian

Maandag kwam ik met de trein rond 8u30 aan in Xian. Er waren mensen van een jeugdherberg op het perron die andere reizigers kwamen oppikken, dus ben ik maar met hen meegegaan. Daarbij, ik was toch van plan om naar die jeugdherberg te gaan, Bell Tower youth hostel genaamd. Die dag heb ik het rustig aan gedaan. Ik heb mijn foto's upgeload en de moskee bezocht. Normaal moest je daarvoor betalen, maar ik was gratis binnengeslipt. Die moskee was niet veel speciaal eigenlijk. In de gebedzaal mocht je niet en voor de rest leek het meer op een typisch chinees gebouw dan op een gebouw met arabische invloed. In Xian waren er nog een aantal toeristische gebouwen en voor elk moest je, op zijn Chinees, geld betalen, zoals de Bell Tower, de Drum Tower, de grote wilde gans pagode en de kleine wilde gans pagode, maar ik heb die maar links laten liggen... Xian had ook een oude stadsmuur maar om erop te komen, moest je opnieuw geld betalen... En als ik spreek over geld, spreek ik over een drietal euro of soms meer. Ik dacht bij mezelf dat ik dat geld beter anders kan besteden... 's Avonds ben ik dan met Kasper en Stefan, twee Nederlanders die in hetzelfde hostel verbleven, een aantal hapjes gaan eten in de moslimwijk. Die moslimwijk was best wel eens leuk om in rond te wandelen en ze hadden alle soorten van eten. Of alles vrij hygienisch was, is misschien wel een andere zaak... Ik heb er spijtig genoeg geen foto's van getrokken. Wat ik me er ook nog van herinner, is bepaalde shops die vol lagen met opgedroogde grote levers bah... Wijzelf hebben een aantal kleine verschillende hapjes geprobeerd.

Dinsdag ben ik dan met Stefan met de bus naar het Terracotta leger gegaan. Kasper bleef in Xian omdat hij daar al eens was geweest. We waren niet van plan om een gids te nemen, maar we gingen eerst naar een soort cinemazaaltje een video bekijken vooraleer we binnengingen om toch een beetje meer ervan te verstaan. Daar kwam ik dan Mats en Stefanie tegen, een Schots koppel waarmee ik Peking eend was gaan eten in Beijing. Zij waren nog met een Canadees koppel op trot en dus waren we met zes en besloten we een gids te nemen. De Canadees ging op zoek naar een gids en na een tijdje wachten, kwam hij terug met dezelfde dame die ons aan de ingang aangesproken had, maar die we geweigerd hadden, omdat we maar met twee waren. We hebben dan een rondleiding voor een paar uur gehad en omdat we vrij content waren, gaven we haar in totaal 90 yuan ipv de afgesproken 80 yuan (elk 15 yuan dus). Het Terracotta leger was wel eens de moeite om te zien, maar ik had het toch nog meer indrukwekkend verwacht. Ik dacht om een leger van 6000 uit aarde gebakken mannetjes te zien, maar de meeste lagen onder de grond. De reden waarom men ze nu niet wilde opgraven, was dat ze door de blootstelling aan de lucht na twee weken al hun kleur verliezen (ze waren geverfd). Dus wacht men om er meer op te graven totdat men een product of een techniek gevonden heeft, waarbij de kleur niet verloren gaat. Het moet dus nog veel indrukwekkender geweest zijn in de tijd, toen al die mannetjes mooi beschilderd waren. Het leger was een onderdeel van het enorme Mausoleum van de eerste keizer van China, dat hem moest beschermen tegen zijn vijanden na zijn dood. Hij was er al mee begonnen toen hij nog maar veertien jaar oud was. Zijn lichaam zelf ligt in een piramide tombe een eindje daarvan. Tschijnt dat de ruimte waarin hij ligt, gevuld is met lood, dus je zou onmiddellijk doodgaan als je een gat in de wand daar maakt. Allee ja, ik herinner me niet meer al de details van het mysterie en misschien is niet alles wat ik hier vertel honderd procent correct, dus als je er meer wil van weten, moet je maar zoeken op internet... Er waren drie zalen met Terracotta beelden, een grote met vooral infanterie en cavalerie, een kleine met hogere officieren en dan een middelgrote met meer verschillende types van soldaten, onder andere boogschutters... Toen we buiten waren, hebben we dan in de KFC gegeten, want Stefan had van heel de dag nog niets gegeten. Verder is er niets speciaals die dag gebeurd.

Woensdag ben ik met de eerste bus naar Hua Shan geweest, een bergketen met enorm veel graniet een tweetal uur per bus van Xian. Een Nationaal Park waar je dus op zijn Chinees een belachelijk hoge entree voor moet betalen, in dit geval 100 yuan. Veel had ik niet gegeten smorgens en ik had ook bijna niets mee om te eten. In plaats van de kabelbaan op en neer te nemen zoals de meeste toeristen, besloot ik van het dorp naar omhoog te wandelen, dan boven een rondje te doen van Noordpiek naar Oost-, Zuid- en Westpiek en terug tot Noordpiek en dan de kabelbaan terug naar beneden te nemen. Wat ook op zijn Chinees was, was het wandelpad: volledig aangelegd en dus niks natuurlijks aan. Het eerste deel bestond uit grote stenen met mortel ertussen, volledig vlak gemaakt, en dan waren er trappen van beton en op het einde mooie trapjes uitgehouwen uit de granieten rotsen. Er waren zelfs lantaarns geplaatst langs een groot deel van het pad naar boven!!! Naar het schijnt, is het een van de gevaarlijkste bergen in China waar af en toe doden vallen en ik kan het wel begrijpen. Op bepaalde momenten ging het voor misschien wel dertig meter bijna verticaal naar omhoog langs heel kleine trapjes uitgehouwen uit de rotsen en als je dan valt, kan je niet anders dan morsdood zijn... Als er dan een beetje ijs zou liggen, dan wordt het natuurlijk nog veel gevaarlijker. Op het circuit boven was er zelfs een stuk van een vijftal meter dat letterlijk verticaal was en waar je kettingen moest vastgrijpen om naar boven te klimmen. Ik heb wel veel geluk gehad met de richting die ik gekozen had bij mijn wandeling, aangezien ik die steilste stukken altijd naar boven ben gegaan en nooit naar beneden, wat veel gevaarlijker is. Op het einde van de dag had ik krampen in mijn billen tijdens het wandelen, wat me voor de eerste keer in mijn leven overkwam! Ik denk dat het te wijten was aan een combinatie van drie dingen: een zware wandeling (meer dan 6u wandelen en verschil tussen laagste en hoogste punt ongeveer 1500m), heel weinig gegeten en de kou... Uiteindelijk nam ik dan de kabelbaan naar beneden om op tijd de bus naar Xian terug te kunnen nemen. Het uitzicht via de kabelbaan op de steile granieten rotsen was echt wel spectaculair en veel meer de moeite dan de weg die ik te voet naar boven had genomen, maar je moest er natuurlijk ook wel voor betalen ;-) Vanaf de basis van de kabelbaan nam ik dan een minibus naar de grote bus en vandaar terug naar Xian. Ik had wel wat pijn onderaan rechts aan mijn linkervoet. Tis precies alsof ik daar onderaan wat op de boord van mijn wandelschoen wandel, alsof die daar wat te smal is. Ik heb er eigenlijk al last van beginnen te krijgen in Zuid-Korea.

Donderdag ben ik dan naar het treinstation geweest om een ticket te kopen. In plaats van de trein naar Chengdu te nemen, zoals bijna al de anderen, besloot ik de tip van Iain te volgen en naar Xiahe te gaan, een Tibetaans bedevaartsoord. Hiervoor moest ik eerst een trein naar Lanzhou, een van de meest vervuilde steden ter wereld, nemen. Ik had over de prijs geinformeerd in het hostel en wist dat het goedkoopste ongeveer rond de honderd yuan was. In het treinstation kwam er al vlug een meisje dat Engels sprak, toen het mijn beurt was en ze stelde een nachttrein voor van rond de 170 yuan en dan een van 175 yuan. Ik moest verschillende keren aandringen voor een goedkopere trein, vooraleer ze me uiteindelijk een ticket voor 96 yuan voor een hard sleeper bovenaan presenteerde, maar uiteindelijk had ik het ticket beet. Het enige verschil was dat die trein er mss een half uurtje langer over deed en minder modern was. Een tip voor toekomstige Chinareizigers: de duurdere expresstreinen beginnen met een letter (T, K, ...) terwijl de goedkoopste treinen bestaan uit vier cijfers. Op die manier kun je dus al goed besparen als je dat weet, want ze zullen je sowieso eerst de duurdere expresstrein voorstellen. Verder heb je hard seat, soft seat, hard sleeper en soft sleeper. Bij de eerste twee heb je alleen een zitje, terwijl je bij de laatste twee een bed hebt. Bij de hard sleeper lig je met drie boven elkaar en met zes in een ruimte, terwijl je bij de soft sleeper maar met twee boven elkaar ligt, maar dan uiteraard ook veel meer hiervoor betaalt. Voor mij is de hard sleeper meer dan goed genoeg. Het middelste bed is normaal gezien het beste en iets duurder, omdat je meer plaats in de hoogte hebt dan bij het bovenste bed, door het raam kan kijken en omdat tijdens de dag niemand op je bed komt zitten zoals bij het onderste bed. Maar tot nu toe heb ik alleen het bovenste bed gehad en was daar content van. Het voordeel voor mij is dat ik mijn waardevolle spullen naast mij leg op het bed tegen de muur, onder mijn deken, en dat eventuele dieven al heel hoog moeten kruipen om eraan te kunnen... Ik had die dag al wat rondgekeken voor thermisch ondergoed in Xian, maar eigenlijk niets gevonden, buiten heel duur spul in sommige outdoorwinkels. Toen hoorde ik van Casper dat ze op het plein tegenover ons hostel lang ondergoed stonden te verkopen, dus ging ik er savonds een kijkje nemen. Uiteindelijk heb ik lekker dik warm ondergoed, mooi donkerblauw, voor een twintigtal euro gekocht. Ik zou het echt wel nodig hebben straks in de bergen in de vrieskou in Xiahe... Rond 22u50 vertrok de trein dan naar Lanzhou...

zaterdag 15 november 2008

China - Qingdao en Beijing

Woensdagmorgen kwamen we dan in China aan, in Qingdao. We waren heel rap China binnen, zonder al te veel formaliteiten en checks. Ik ben samen met Sarah en Tom die dag opgetrokken. We waren nog maar buiten en er waren al een paar taxichauffeurs die ons aanspraken, maar al bij al viel dat goed mee. Tschijnt dat dat in Thailand nog andere koek is, volgens wat ik heb van horen zeggen. Misschien dat ik daar dan eens een matrak op elektriek ga moeten kopen om ze van me af te slaan ;-)) We zijn dan maar te voet naar het centrum van de stad gewandeld, wat op zich wel leuk was, ook al waren we dan bepakt met de volle rugzak. Sarah en Tom wilden geld afhalen met hun kaart, maar het lukte hen niet (later bleek waarom: Toms kaart was vervallen en ze hadden een nieuwe naar zijn adres in Engeland gestuurd, maar dat wist hij niet), maar na een beetje tijdverlies en wat geld wisselen geraakten ze toch aan Chinese Yuan. We zijn dan verder naar het strand gewandeld, hebben daar een kort wandelingetje gedaan en zijn dan een restaurant binnengestapt. We hadden elk iets besteld, maar al snel bleek dat het eigenlijk eerder de bedoeling was om die schotels te delen. Maar aangezien ik een soort van soep met kip had besteld, heb ik die maar alleen opgegeten, want ik vind dat nu niet echt de beste schotel om te delen. Nu moet je niet denken dat er een mooie kippenfilet in mijn soep te bespeuren viel... Het leek eerder alsof de kip in het wilde weg in stukjes gehakt was, op de halve kippenkop na ;-) We zijn dan nog een klein beetje verder langs de dijk gewandeld en later nog eens naar McDonalds geweest. Dan zijn we een treinticket gaan kopen en daar hebben we ook wat moeite mee gehad, want in het treinstation verstonden ze geen Engels. Dus we hadden een briefje met Chinees van het toeristeninformatieloket meegekregen, maar de datum stond er eerst niet op zodat we twee keer over en weer moesten. We hadden wel geluk dat we niet in de lange rij moesten wachten om ons ticket te kopen. Er was een loket voor informatie waar je normaal gezien geen ticket kon kopen, maar ze maakten een uitzondering voor de enige westerlingen die we die dag in die stad gezien hadden :-) Vriendelijk van die Chinezen! Eigenlijk heb ik die dag vooral vriendelijke mensen ontmoet... Om 17u30 vertrok onze trein naar Beijing. We hadden gewone zitjes, maar het was een moderne snelle trein die er maar zes uur over deed. Eens in Beijing moesten we een taxi nemen naar de jeugdherberg, maar dat viel best wel mee omdat we de prijs ook door drie konden delen en de chauffeur was eerlijk. Ik was toch wel wat onder de indruk die nacht van de reusachtige laan met al die rijvakken waar we door reden met de taxi op weg naar ons hostel (of tenminste toch een nabijgelegen plek). Het Hostel was vlakbij het Tienanmenplein en de Verboden Stad. Ik wilde daar verblijven omdat Iain daar ging verblijven tijdens het weekend, een jonge Schot waarmee ik via email al sinds het begin van mijn reis regelmatig contact onderhoudt en die een gelijkaardige reis als ik doet, maar met wat voorsprong...

Donderdag wilde ik dan weer een dagje voor mezelf en ben ik er alleen op uit getrokken. Ik heb gewoon wat rondgelopen in Beijing vertrekkende van mijn hostel het noorden en dan het oosten op, door de hutong wijken, de eenvoudige volkswijken in Beijing en toen ik merkte dat ik dichtbij de Lamatempel uitgekomen was, ben ik daar dan maar naartoe getrokken. De Lamatempel was een grote Tibetaanse Buddhistische tempel in Beijing en was wel eens de moeite om te zien, maar nu ook niet zo heel erg als je zoals ik al zoveel tempels in Japan en Korea gezien hebt. Achteraf hoorde ik dat er in een van de gebouwen een reusachtig Buddhabeeld te bewonderen was uit een en dezelfde boom gehouwen, maar dat heb ik dus gemist :-( Maar tja, ik heb sowieso al de grote houten Buddha in Nara in Japan gezien, dus zoveel maakte dat ook niet uit. Nadien ben ik dan nog langs een vijver gewandeld op de terugweg, wat 's avonds wel een leuke sfeer had. Wat opvalt in China is dat het vol met treurwilgen staat, waar ik totnutoe geweest ben. Dat vind ik wel mooi al die bomen, vooral langs het water. Die dag heb ik ook te doen gehad met mannetjes die je willen vervoeren in de fiets en je dan beginnen aanspreken of lastig te vallen (maar het valt best wel mee, vind ik). Meestal probeer ik het dan met humor op te lossen als ze mij aanspreken om iets te verkopen of ik probeer hetzelfde te doen als zij: Als ze me willen vervoeren, zeg ik dat mijn fiets een paar meter verderop staat en of ze niet met mij mee willen voor een paar yuan... Als ze postkaarten willen verkopen, vraag ik of ze geen postkaart van mij willen kopen... Soms vraag ik of ik een gratis monster (free sample) mag hebben van een t-shirt of een terracottabeeld om eerst even thuis te proberen... Of ik zeg dat mijn liefje thuis de baas is en ik daar niets over te zeggen heb... Of als het oude vrouwtjes zijn, vraag ik soms: Wil je met me trouwen? ;-) Ik vind altijd wel iets als ik zin heb en anders negeer ik het gewoon.

Wat me wel opviel is dat de toeristische attracties in China vrij duur zijn en de trein en accomodatie is toch ook nog duurder dan ik verwachtte. Eten kan wel vrij goedkoop zijn en kledij ook, maar ik vind Korea prijs/kwaliteit tot nu toe wel beter. Vooral de toeristische attracties waren spotgoedkoop in Korea, maar nu moet ik wel toegeven dat er in China meer toeristische kleppers te bewonderen zijn dan in Korea. Maar Korea is toch nog altijd een land waar je vrij onbezorgd kunt reizen en nooit het gevoel hebt dat ze het geld uit je zakken willen kloppen en dat waardeer ik er wel echt. In China heb ik eerder het tegenovergestelde gevoel bij de bezienswaardigheden. Ik denk dat er toch vrij veel rijke Chinezen ook rondlopen, ook al maken die dan slechts een kleiner percentage van het geheel uit, dan zijn het er nog meer dan genoeg! Wellicht is het te wijten aan het feit dat toerisme als luxe beschouwd wordt in China, terwijl het in Korea als normaal en voor iedereen toegankelijk beschouwd wordt. Hier in China heb ik bvb. nog nooit massa's schoolkinderen gezien bij bezienswaardigheden, terwijl je in Korea of Japan soms niets anders zag als je ergens binnenging.

Vrijdag heb ik dan een wandeling van tien km op de Chinese muur gedaan, samen met Sarah en Tom. We hadden voor het gemak een tour geboekt via het hostel zodat we zelf niets moesten regelen. Inbegrepen was het transport en de toegangstickets voor de verschillende stukjes muur (in totaal meer dan honderd yuan toch voor de toegangstickets, met 8.4 yuan voor 1 euro) en een gids die we eigenlijk niet gezien hebben, maar verder ook geen last van gehad hebben ;-) Het stuk dat we gedaan hebben was van Jinshanling naar Simatai. Vooral het eerste stuk muur vond ik heel mooi. De muur golfde langs de bergen zover als het oog reikte en dat was echt wel de moeite om te zien. Heb dan ook heel veel foto's getrokken. Er waren eigenlijk ook bijna geen toeristen buiten ons. Dit was eigenlijk tegen mijn verwachting in, dus extra positief (Vlakbij Beijing is er een stukje muur speciaal gemaakt voor de toeristen naar het schijnt waar je als sardientjes in een blikje de muur kunt bewandelen...) Aan de ingang heb ik een paar handschoenen gekocht voor 10 yuan (ze vroegen eerst 30), want het was smorgens toch heel fris daar. In het begin waren er een paar mensen die ons een tijdje volgden omdat ze postkaarten wilden verkopen, maar na een tijdje waren we volledig op ons gemak. Op het laatste stukje kwamen we nog twee Engelsen en een Schots koppel tegen, die zelf hun muurbezoekje georganiseerd hadden, maar daar een nacht waren blijven slapen. Ze verbleven in een hostel vlakbij het onze, maar waar het bier wel veel goedkoper was dan in het onze. Normaal kostte het vier yuan (tegenover tien yuan in ons hostel) of iets minder dan een halve euro voor een halve liter, maar tijdens happy hour kreeg je drie halve liters voor acht yuan. Ik ben dan met Sarah en Tom, met het Schotse koppel en de twee Engelsen peking eend gaan eten. Voor mij was het zeker ok, maar het was de eerste keer dat ik dat gegeten heb, dus kon ik moeilijk vergelijken en misschien was het ergens anders nog veel beter. Eerst eet je wat van het vel dat lekker krokant geroosterd is (naar het schijnt blazen ze met een rietje erin om het vel los te laten komen voordat ze het roosteren, maar zou dat eens moeten opzoeken hoe het juist in zijn werk gaat) en later komen dan de andere stukjes aan bod. In totaal koste het ons slechts 45 yuan per persoon, wat vrij goedkoop was, vond ik. Na het eten gingen we nog een pintje drinken in het andere hostel en eens terug in ons eigen hostel checkte ik nog even mijn mail en Iain had blijkbaar een half uurtje eerder ingecheckt.

Zaterdag namen Sarah en Tom heel vroeg de trein naar Mongolie en toen ik de lounge van het hostel binnenging zag ik Iain achter de computer zitten. Wel leuk om iemand waar je al lang af en toe mee mailt dan toch uiteindelijk te ontmoeten. Die dag zijn we 's morgens naar het vlakbijgelegen Tienanmenplein gegaan. Zo veel was er eigenlijk niet aan. Een groot plein dat wel. Er is ook een mausoleum van Mao waar je zijn restjes kan bewonderen, maar ik had meer zin om in plaats daarvan een hapje te gaan eten. We zijn dan naar de eetmarkt in Beijing gegaan, waar we een aantal hapjes geprobeerd hebben. We hebben onder andere een rijstschoteltje gegeten dat niet te veel voorstelde en gefrituurde inktvis op een stokje en nog een paar andere lekkernijtjes en ik heb ook een soort heel kleine appeltjes op een stokje gegeten met een laag doorzichtige suiker errond. De gefrituurde schorpioenen, zeepaardjes en zeesterren op een stokje hebben we voor de volgende keer gelaten. Nadien zijn we naar de Verboden Stad gegaan, waar de keizer leefde in centraal Beijing en waar voor de rest niet te veel volk mocht komen. Zo veel was er eigenlijk niet aan te zien als je al veel tempels gezien hebt zoals ik. Op zich was het wel groot en impressionant, maar op den duur is het allemaal een beetje hetzelfde. De tuin ervan was wel eens iets anders. Maar om eerlijk te zijn, vind ik de Koreaanse tempelgebouwen mooier dan de Chinese en vind ik persoonlijk dat de Chinese gebouwen meer Kitscherig aandoen met de lichtbruine glanzende dakpannen en door het feit dat er veel minder gebruik gemaakt wordt van hout in de constructie. Er wordt veel meer gebruik gemaakt van steen en misschien ook baksteen, maar dat laatste is enkel een vermoeden omdat de pagodes in China normaal gezien van baksteen zijn, maar je kunt dat niet zien als erover een laag geplamuurd en dan geschilderd is. Als iemand daar meer over weet, plaats gerust een reactie... Nadien zijn we dan naar Beihai gegaan, China's klassieke keizerlijke tuin of met andere woorden een park met een vijver en dan een soort toren waar je nog eens apart geld moest voor betalen (wat we niet gedaan hebben). Twas wel leuk om eens rond te lopen en eens mooi om te zien. Water, bomen en hier en daar een bruggetje is altijd mooi, vooral bij zonsondergang.

Zondag ben ik dan opnieuw met Iain op stap geweest. Het was wel leuk om opnieuw samen met iemand die je al iets meer kent, dingen te gaan verkennen. De eerste dag dat je iemand leert kennen, is het meestal vrij saai omdat je altijd over hetzelfde babbelt: waar kom je vandaan? Hoe lang reis je (al)? Waar ben je geweest, ga je naartoe? Blablabla... Dat is de initiele informatieuitwisseling. Als je elkaar dan de volgende dag niet meer ziet, is het dikwijls een tijdverspilling, tenzij je interessante reisinformatie gekregen hebt. Het begint pas leuk te worden vanaf de tweede dag, als je samen een bezienswaardigheid gaat bezoeken of iets gaat doen. Tot nu toe heb ik redelijk weinig met anderen voor een dag opgetrokken, omdat de landen waar ik geweest ben, niet echt zo toeristisch zijn, behalve Japan dan, maar daar kom je er niet veel tegen die voor langere tijd reizen en in het noorden kwam ik heel weinig andere westerlingen tegen. Ik vind dat wel leuk en ik doe graag dingen die niemand anders doet omdat ik het meer avontuurlijk en echter vind en ik tenslotte niet reis om alleen mijn eigen volk te ontmoeten, maar soms ben je dan wel veel alleen onderweg. In Korea kende ik echter Ciska en Jae Won en op de boot kwam ik dan Sarah en Tom tegen en nu met Iain op stap... Dat deed wel eens deugd om zo eens een weekje de ervaringen te kunnen delen en als je alleen bent, lach je ook minder dan als je met twee bent. Maar op zich ben ik liever alleen en vrij dan met twee en gebonden aan iemand met andere interesses of waarmee het niet zo klikt. Enfin, dit even terzijde... Die dag zijn we dan met de metro (drie overstappen - de metro zou mss de grootste ter wereld moeten worden, maar ze zijn nog volop bezig stukken aan te leggen, net als in vele andere Chinese steden trouwens - binnen een paar jaar zal alles weer veranderd zijn hier en zullen veel dingen waarschijnlijk nog duurder geworden zijn) naar het vogelnest geweest, het olympisch stadion voor Beijing 2008. Eigenlijk was het meest interessante stuk van de constructie de buitenkant en dus gratis te bezichtigen. Maar we zijn toch eens naar binnen gegaan om de Kentucky Fried Chicken te proberen en een fotootje van onszelf met de groene panda te hebben... Later zijn we naar het zomerpaleis (Summer Palace) geweest, na de metro opnieuw te nemen, dan een beetje verloren te lopen en dan onder begeleiding van twee Chinese dames waar we de weg aan vroegen nog een paar km gewandeld te hebben. De reden waarom de plaats zomerpaleis heette, was ons al snel duidelijk: welke keizer zou daar nu de winter willen spenderen? Het was met voorsprong de koudste plaats van Beijing! Er was een reusachtig meer en de sterke wind veroorzaakte lichte golven op het meer zodat het haast meer een zee dan een meer geleek. Maar het was wel eens mooi opnieuw om 's avonds te wandelen en zonder wind geen vliegers... Enfin, we zijn ons dan nog erg moeten haasten om terug in het hostel te geraken (eerst bijna een uur wandelen en dan een paar keer overstappen op de metro), want om 21u30 had ik een trein naar Xian te halen. Rond 20u10 kwamen we uiteindelijk opnieuw in het hostel aan en ik ben dan nog naar de lokale supermarkt wat voedsel gaan inslaan voor de treinreis. Had die dag nog geen avondeten gehad... Toen we afscheid namen, gaf Iain me nog een postkaartje met een invitatie om naar Schotland te komen wanneer ik terug ben (wat ik eigenlijk al sowieso van plan was, nadat ik eens wat foto's gezien heb van Schotland) en ik gaf hem een kaartje van Knokke en toen zei hij dat hij er geweest was! Hij was slechts een dagje in Belgie gebleven, maar had bij het begin van zijn reis een ferry naar Zeebrugge genomen en was dan eens langs Knokke gepasseerd... Ik nam dan een taxi en kwam mooi op tijd aan in het treinstation. Even later bleek dat mijn trein naar Lhasa, Tibet ging! Ik was in een hard sleeper compartiment met zes bedden, drie boven elkaar langs elke kant en ik lag vanboven. Boven mij was er een opening, ik geloof om de kamer onder druk te brengen als hij op meer dan 4000m hoogte door Tibet gaat, maar weet dat niet zeker. Het had er alleszins iets mee te maken. Het was een redelijk moderne trein. Op het bovenste bed kon ik niet rechtop zitten, maar ik heb wel comfortabel geslapen die nacht en was er tevreden over. Op de Chinese treinen is het ook zo dat ze je wakker maken als je eraf moet, vooral handig als je trein vroeg aankomt. In dit geval kwam ik rond 08u30 in Xian aan...

zondag 9 november 2008

Terug in Seoul

Zaterdagmorgen nam ik dan de bus van Busan naar Seoul. Het was de goedkoopste en kostte maar 20900 won, maar je had wel niet zoveel ruimte om vijf uur op de bus te zitten. Maar voor mij was het ok. 's Middags heb ik dan niet te veel meer uitgestoken. 's Avonds ben ik dan een Koreaanse barbecue gaan eten met twee andere kerels van mijn hostel, de Nieuw-Zeelander Paul (de zwaarste op de foto) en de Australier Ben. Dat was ergens aan een tafeltje dichtbij het hostel, buiten. Leuk om te zitten, maar ik vond het eten niet om naar huis te schrijven en vond ook niet dat ik volledig gevuld was voor 10000 won (terwijl ik voor 4000 won me dikwijls boordevol kan eten aan bibimbap of andere goedkope en smaakvolle gerechten)... Twas een barbecue van varkensspek, waar de Koreanen zot van zijn, maar ik persoonlijk minder omdat meer dan de helft vet is in plaats van vlees. Maar ondanks dit, vond ik het toch leuk om in gezelschap te eten. 's Avonds hebben we dan nog op twee andere plaatsen een pintje gedronken en daarna zijn we met een taxi naar een of andere studentenbuurt gegaan. Daar gingen we naar een soort cocktailbar waar Paul met nog een aantal mensen had afgesproken en het leuke was dat ik er een paar van kende, doordat ze eerder al in de guesthouse verbleven hadden. Dat vind ik toch altijd leuk, als je de gelegenheid hebt om mensen na een tijdje opnieuw te zien. Dan kun je eens vragen wat ze ondertussen gedaan hebben en moet je niet telkens opnieuw de verkennende gesprekken uitvoeren. Rond 1u ben ik dan alleen met een taxi naar de guesthouse terug geweest, omdat het te ver was om te wandelen en ik niet te laat naar bed wou omdat ik uitgenodigd was bij Ciska thuis voor het middageten de volgende dag en ik toch een beetje fris wilde zijn. Ik moest daar tussen 12u en 12u30 zijn, dus mikte ik erop om toch rond 11u de metro te kunnen nemen. Ik had schrik om me te overslapen, dus besloot mijn gsm nog eens aan te schakelen om als alarm te gebruiken, maar die bleek een platte batterij te hebben. Het vervelende is dat de reislader die ik gekocht heb in Rusland niet perfect werkt: ik moet druk uitoefenen op het pinnetje wanneer het in de gsm steekt want anders laadt hij niet op. Meestal steek ik hem dan onder de matras of zo op een manier dat die druk automatisch uitgeoefend wordt, of tussen een schuifraam of zo, maar deze keer vond ik niets dus heb ik hem na eerst wat sukkelen maar een kwartiertje zo vastgehouden, zodat ik toch een klein beetje batterij had om het alarm in stand te houden... Pfff... Ik ga eens een nieuwe moeten kopen...

Zondag ging ik dan Ciska en Kiseon, haar Koreaanse man, een bezoekje brengen. Ze had een nauwkeurige routebeschrijving gegeven vanaf het dichtste metrostation en samen met mijn kompas stelde dit me in staat om aan de deur van hun appartement om 12u30 stipt te verschijnen. Ik had een paar "Hallabong" mandarijnen en een doosje met wat Koreaanse zoetigheid voor hun meegebracht. De Hallabong mandarijnen zijn een soort speciale mandarijnen van Jeju eiland, geel van buiten en met een speciale vorm. Hoewel ik het Vlaamse eten niet echt bewust mis, was het toch een heel aangename ervaring om nog eens tomatensoep en stoverij met frietjes te eten (er lag een exemplaar van "Ons kookboek" op het boekenrek)! Stom dat ik pas na het eten eraan dacht om een fotootje te trekken!! Het appartement was niet zo groot, maar wel modern en gezellig ingericht. Vanuit het appartement was er een mooi uitzicht op de omliggende bergen met hun herfstkleuren. Het was vrij leuk om opnieuw nog eens Vlaams te praten met Ciska en om Kiseon te ontmoeten (we spraken ook wel Engels, maar alleen als het iets was dat hij ook mocht weten ;-p ). Kiseon zocht ook informatie op voor me via internet over de boten voor China en ik heb de trouwfoto's gezien. Waarschijnlijk is er geen enkele cultuur ter wereld waarin de bruid comfortabel gekleed trouwt, maar twas wel vrij exotisch en kleurrijk om te zien. Uiteindelijk denk ik dat ik er rond een uur of vijf vertrokken ben... en ik denk dat het vrij lang zal duren voor ik er nog eens opnieuw toevallig langs moet, maar je weet nooit natuurlijk... Kom eens langs als je in Belgie bent Ciska en Kiseon, zou ik zeggen!!! (Maar wel een cadeautje meebrengen he! Dat hoeft niet veel te zijn hoor: met een nieuwe digitale reflexcamera of een Rolex horloge ben ik al content :-))) Daarna ben ik nog eens gaan kijken voor een nieuwe bril, rond de Nandaemun markt. Tis namelijk handig om ook een bril te hebben voor het geval ik een lens zou verliezen of mijn oog geirriteerd zou raken of als het moeilijk is om mijn lenzen op een propere en comfortabele manier uit te nemen of in te brengen. Na een paar winkels te proberen, heb ik uiteindelijk vrij snel een Koreaans montuur dat me min of meer aanstond en goedkoop was gevonden. Voor 30000 won of minder dan 20 euro had ik een nieuwe bril, in vijf minuten na keuze van montuur en testen van sterkte. Kwalitatief zullen de montuur en de glazen mss wel niet het beste op de markt zijn, maar of ik nu een goedkopere of duurdere bril heb, hij verslijt toch altijd rap bij mij...

Maandag had ik rond de middag met een Koreaans meisje afgesproken waarmee ik eens op de metro had gebabbeld. Ze heeft me uitgenodigd voor een koffie. Ze had een elektronisch woordenboek mee ;-) Daarna heb ik met Jae Won, mijn Koreaanse vriend van op de trein in Rusland afgesproken. Eigenlijk zijn er maar twee Koreanen die ik ken met gemakkelijke namen: Jae Won (klinkt als "J heeft gewonnen") en Kiseon (doet me denken aan "kussen"). Met Jae Won ben ik dan iets gaan eten en achteraf zijn we naar een publiek bad geweest. Twas mijn laatste dag in Korea en lang geleden dat ik nog eens naar een publiek bad was geweest, dus ik wilde er nog eens van profiteren. Jae Won legde me uit dat ze in Korea hun huid pellen wanneer ze naar een bad gaan en heb dat dan ook maar eens gedaan. Je moet dan eerst lang genoeg in het hete water weken en dan op je huid wrijven met een speciaal schuurdoekje (qua vorm gelijkaardig met een dun en klein washandje) totdat de dode huid er af komt (gelijkaardig als de huid die eraf komt wanneer je vervelt bent door de zon). Dit doe je uiteraard buiten het bad en dan spoel je de zone schoon met heet water. Daarna hebben we nog twee sauna's uitgeprobeerd en twee andere heetwaterbaden. Tis altijd goed om de heetwaterbaden met een koudwaterbad af te wisselen. Dan kun je het ook beter verdragen en de temperatuurverandering doet deugd. Het doet zowel deugd om opeens frisheid te ervaren wanneer je het koude water in gaat, maar het doet evenwel deugd wanneer je daarna opnieuw in het hete water gaat en je je huid voelt tintelen. Daarna zijn we nog iets gaan eten en ben ik een Lonely Planet voor China gaan kopen, in een boekwinkel waarover Ciska me verteld had. Ik zag het niet echt zitten om tot laat uit te gaan die dag omdat ik de volgende dag de boot moest nemen, dus ik dacht dat het beste zou zijn om met Jae Won naar het hostel te gaan en wat in de keuken verder te babbelen en een koffie te drinken. Toen ik de weg vroeg naar een plaats dichtbij mijn guesthouse aan twee Koreaanse meisjes, stelde ik voor dat ze er ons naartoe brachten en na een beetje gebabbeld te hebben, nodigde ik ze uit om ook een koffie met ons te komen drinken. Dat vond ik wel leuk aan de plaats waar ik verbleef, dat ze daar geen probleem van maakten en dat je in de keuken een aparte ruimte had om rustig op je gemak te babbelen. De meisjes geraakten later nog thuis via de metro, maar mijn vriend niet omdat er geen metro meer op dat uur naar zijn woonplaats ging, dus stelde ik voor dat hij nog wat bij mij bleef in het hostel. Ik stelde voor dat ik hem een bed betaalde in het hostel, maar dat wilde hij niet, dus stelde ik voor dat hij wat in de zetel sliep in de computerruimte totdat de eerste metro vertrok. Maar toen ik naar bed ging, was er niemand meer aan de receptie en ik was ook de enige in de slaapkamer, dus stelde ik hem voor om gewoon gratis een bed te nemen en een dutje te doen. Dat was best wel grappig: ik, de toerist die komt naar Korea, ben degene die een Koreaan uitnodigt in mijn dormitory ipv omgekeerd ;-) In elk geval, het is een plezier geweest om nog eens wat tijd met vrienden door te brengen alvorens naar China te gaan...

Dinsdag zou ik dan de boot naar China nemen. Mijn plan was om de ferry naar Tanjin te nemen rond 13u, maar ik was eigenlijk wat te laat vertrokken van het hostel en had ook een verkeerde bus genomen (de bus op internet vermeld ging een andere kant op en nadat ik daarachter kwam nam ik een taxi maar was ik toch te laat). Dus heb ik maar de ferry naar Qingdao in China genomen. Voordat ik de ferry nam, heb ik nog een paar boekjes naar huis verstuurd via de post en heb ik mijn resterend Koreaans geld ingewisseld voor Chinese yuan. Ik ben hiervoor verschillende wisselkantoren binnengestapt tot ik een goeie prijs ervoor kreeg. In de ferry terminal had ik al met een Chinees meisje gebabbeld en op de boot ben ik 's avonds iets gaan eten met haar en ze heeft me zelfs getrakteerd ;-) Ik denk dat ze wel bij de rijkere Chinezen behoorde: ze had 200000 won betaald voor een kajuit met vier personen terwijl ik 98000 won betaald had voor het goedkoopste, wat voor mij al vrij goed was want ik had een eigen bed met een gordijntje ervoor. Toen ik haar mijn bed eens toonde, vond ze dat het er wat stonk, maar ik rook eigenlijk maar weinig. Twas de werkvolkklasse, maar so what... Tgaat even snel en tis toch maar om te slapen! 's Avonds later kwam ik dan nog een Engels koppel op de boot tegen, Sarah en Tom, die een jaar in Korea Engelse les hadden gegeven en ook naar Beijing gingen. We hebben wat gebabbeld en dan hebben we naar een film gekeken in het cinemazaaltje van de boot, "The Water Horse", het was iets met een klein jongetje en het monster van Loch Ness en zo...